mmk.be >

Woordenboek Gezondheid&Milieu

 0-9    B     E   F   G   H   I   J   K   L   M   N   O   P   Q   R   S   T   U   V   W   X   Y   Z



 

0-9

Index

  • 95e percentiel: De waarde die 5% van de gevallen wordt overschreden
  • 99e percentiel: De waarde die 1% van de gevallen wordt overschreden

A

Index

  • Absorptie: Opslorping, inzuiging van vloeistof, gas, stralen, e.d.
  • Acute toxiciteit: Giftigheid na eenmalige blootstelling
  • ADI: Acceptable Daily Intake: de hoeveelheid van een stof waaraan men maximaal dagelijks gedurende het gehele leven oraal kan worden blootgesteld zonder dat, gebaseerd op de beschikbare kennis, schade voor de gezondheid van de persoon zelf en diens nageslacht behoeft te worden verwacht (uitgedrukt per kg lichaamsgewicht; voor voedseladditieven, afgeleid door de WHO)
  • Adsorptie: Kleven aan de oppervlakte van stofdeeltjes zonder opslorping
  • Aërodynamische diameter: (=a.d.); De a.d. van een deeltje is gelijk aan de diameter van een bolvormig deeltje dat in de omgevingslucht hetzelfde gedrag vertoont als dat stofdeeltje
  • Aërosol: Zeer fijn verstoven vloeistof, nevel
  • Afdeling Toezicht Volksgezondheid: De ambtenaren van de administratie onder meer belast met taken inzake milieugezondheid
  • Alarmdrempel: Een niveau, waarboven een kortstondige bloot-stelling risico’s voor de gezondheid van de mens inhoudt en er bij overschrijding onmiddellijk maatregelen moeten genomen worden
  • Allergeen: Een stof die bij gevoelige personen een ongewenste allergische reactie oproept
  • Allesbrander: misleidende benaming voor een gesloten kachel. De benaming doet vermoeden dat hierin alles kan worden opgestookt, maar dit is zeker niet waar!
  • ALTER: Acceptable Long Term Exposure Range, aanvaardbare concentratie(range) voor levenslange blootstelling
  • Alveolitis: Ontsteking van longblaasjes
  • Anamnese: Nagaan van de persoonlijke ziektegeschiedenis van een persoon
  • Antropogeen fijn stof: fijn stof dat onstaat door menselijke activiteiten, vb.: verkeer, industrie, verwarming,... Staat in tegenstelling tot natuurlijk fijn stof
  • As: residu dat ontstaat tijdens het verbrandingsproces. Een deel van de as gaat mee de lucht in (vliegas) de rest blijft liggen op de plaats waar de verbranding heeft plaatsgevonden (bedas)
  • Asbest: Verzamelnaam voor een bepaald type onbrandbare vezels
  • Asbestose: Chronische luchtweg- en longontsteking veroorzaakt door asbest
  • Asfyxie: Verstikking
  • Aspergillose: Ziekte, afweerreactie veroorzaakt door schimmels van het geslacht Aspergillus
  • Astma:Aandoening waarbij door vernauwing van de luchtwegen problemen met de ademhaling ontstaan; treedt vaak op in aanvallen
  • Atopisch: Erfelijke aanleg voor allergie die zich kan uiten in allergische ziektes

B

Index

  • Benzeen: Kankerverwekkend oplosmiddel
  • B(a)P, Benzoapyreen: Benzoapyreen is een stof die tot de groep polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's) behoort. Enkele PAK's worden gebruikt bij de productie van kleurstoffen, plastics en pesticiden. Blootstelling aan benzoapyreen en PAK's treedt onder andere op bij het inademen van lucht die vrijkomt bij (bos)branden en teerwerkzaamheden of bij het eten van aangebrand voedsel. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat PAK's, en in het bijzonder benzoapyreen, de kans op long-, maag- en huidkanker kunnen verhogen
  • Binnenmilieu: De fysische of chemische factoren, of biotische factoren in het binnenmilieu, van de omgeving binnenin woningen en publiek toegankelijke gebouwen.
  • Biociden: Bestrijdingsmiddelen: pesticiden, herbiciden, insecticiden,…
  • Biomerkers: Meetinstrumenten voor ofwel de inwendige dosis aan polluenten (biomerkers van blootstelling) ofwel voor de biologische effecten in het lichaam (biomerkers van effect)
  • Biomonitoring: Het systematisch bepalen in levende  organismen, waaronder de mens, van concentraties van organismevreemde stoffen, hun metabolieten, of van andere indicatoren van blootstelling en/of effect, om het schadelijke effect op de mens van fysische of chemische factoren te kunnen evalueren
  • Biotische factoren (binnenmilieu): (1)micro-organismen, zijnde al dan niet cellulaire microbiologische entiteiten, met het vermogen tot replicatie of overdracht van genetisch materiaal; (2) allergenen van biologische oorsprong; (3) andere biologische organismen die potentieel schade kunnen toebrengen aan de menselijke gezondheid
  • Biotransformatie: Omvorming van toxische stoffen binnen het levende weefsel
  • Bleekwater: "Eau de Javel"; oplossing van natriumhypochloriet; is o.a. schadelijk door inademen, inslikken, contact met de huid
  • Blootstellingsduur: Tijd die men bloot staat aan belastende milieufactoren
  • Borax: Natuurlijk mineraal zout; wordt gebruikt om te reinigen, desinfecteren, ontgeuren en te bleken; schadelijk door inslikken, contact met voeding, contact met huid (indien gevoelig)
  • Brachycardie: Ongewoon langzame hartslag
  • Broeikaseffect: Temperatuurstijging op aarde, veroorzaakt door een toename van kooldioxide en andere stoffen
  • Bronchitis: Ontsteking van luchtpijptak

C

Index

  • Calamiteiten: Grote rampen
  • Carcinogeen: Kan kwaadaardig(e) gezwel(len) verwekken
  • Carcinogeniteit: Kankerverwekkend vermogen: het aanvaard extra risico van 1 op 106. Het normale risico op kanker gedurende het leven is 25.104 op 106. Indeling op basis van het International Agency for Research on Cancer (IARC) en het Environmental Protection Agency (EPA)
  • Cardiovasculair: Behorend tot hart en bloedvaten
  • CFK: Chloorfluorkoolstofverbinding die de ozonlaag aantast. Werd vroeger vooral gebruikt als koelmiddel en drijfgas in spuitbussen
  • Chemische factoren: Scheikundige stoffen die potentieel schadelijk zijn voor de gezondheid van de mens door hun toxische, mutagene, carcinogene, traumatogene, teratogene, caustische, allergene eigenschappen, en/of door een combinatie van deze eigenschappen
  • Chronische ademhalingsziekten: Verzamelnaam voor ziekten zoals astma, chronische bronchitis en longemfyseem. Deze ziekten kenmerken zich door benauwdheid, hoesten en overmatig slijm opgeven als gevolg van vernauwde luchtwegen
  • Chronische toxiciteit: Giftigheid na langdurige of herhaalde blootstelling
  • Chrysotiel: Soort asbest
  • CO: Koolstofmonoxide, giftig gas dat ontstaat bij onvolledige verbranding
  • CO2: Koolstofdioxide, een gas dat vrijkomt bij verbranding
  • Conjunctivitis: Ontsteking van het bindvlies van het oog
  • COPD: Chronic obstructive pulmonary disease of chronisch obstructief longlijden
  • Crocidoliet: Soort asbest
  • Cytotoxisch: Giftig voor lichaamcellen

D

Index

  • DALY: De ziektelast wordt uitgedrukt in DALY's ('Disability-Adjusted Life-Years'). Het aantal DALY's is het aantal gezonde levensjaren dat een populatie verliest door het voorkomen van ziekten. Het is de optelsom van de jaren verloren door sterfte aan de betreffende ziekte (“verloren levensjaren”) en de jaren geleefd met de ziekte, rekening houdend met de ernst ervan(“ziektejaarequivalenten” of 'years lived with disability'). Per ziekte kan zo de ziektelast in DALY’s worden berekend, waardoor ziekten onderling vergeleken kunnen worden in hun invloed op de volksgezondheid
  • DDT: Dichloordifenyltrichlooretaan, (verboden) pesticide
  • Dermatitis: Huidontsteking
  • Dioxines: Verzamelnaam voor een groep van meer dan 200 verbindingen, die bestaan uit twee benzeenringen met één of meer chlooratomen, verbonden door zuurstofatomen, die zeer giftig zijn voor de mens
  • Dosis-respons: Toenemend effect bij toenemende blootstelling aan een bepaalde factor
  • Drempelwaarde: Dosis van stof waarboven een (toxisch) effect optreedt

E

Index

  • Ecosysteem: Geheel van biotische (planten en dieren en hun interacties) en a-biotische (niet-levende) factoren dat als eenheid kan worden opgevat
  • Emfyseem: Chronische longaandoening waarbij de longblaasjes onherstelbaar beschadigd zijn
  • Emissie: Uitstoot
  • Endogene factoren: Persoonsgebonden kenmerken, erfelijk bepaald (geslacht, genetisch) of verworden (leeftijd, lichaamsgewicht)
  • Evidence based: Op basis van wetenschappelijk onderbouwde gegevens
  • Exogene factoren: Buiten het lichaam, milieu in relatie tot de menselijke gezondheid (fysieke omgeving, leefstijlfactoren, sociale omgeving
  • Extrinsiek: Uitwendig, van buiten komend

F

Index

  • Facettenbeleid: Beleid waarbij samengewerkt wordt met verschillende departementen/ministeries/organisaties om een gemeenschappelijk doel te bewerkstelligen (bijv. rond gezondheid: ook samenwerking met andere departementen dan de administratie gezondheidszorg)
  • FAVV: Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen
  • Fertiliteit: Vruchtbaarheid
  • Fibrose: Woekering van bindweefsel
  • Fijn stof: Verzamelbegrip voor deeltjes, die zo klein zijn dat zijn in de lucht blijven zweven. Inademing door de mens kan leiden tot ernstige gezondheidseffecten
  • Formaldehyde: Oplosmiddel dat kan voorkomen in onder andere spaanplaat en al bij lage concentratie ogen en luchtwegen kan irriteren
  • Fysische factoren: Natuurkundige verschijnselen die potentieel schadelijk zijn voor de gezondheid van de mens door hun akoestische, mechanische, thermische of elektromagnetische eigenschappen, met uitzondering van ioniserende straling

G

Index

  • Gezondheid: Toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en sociaal welzijn en niet slechts de afwezigheid van ziekte of gebrek (WHO-definitie)
  • Gezondheidsdeterminanten: De factoren die de mate van gezondheid van individuen of populaties bepalen
  • Gezondheidsindicator: Een kwantitatieve aanduiding van de gezondheid van de bevolking of van een aanwijsbaar deel ervan
  • Gezondheidszorg: Zowel de preventieve maatregelen om gezondheidsproblemen te voorkomen als de medische handelingen om ze te verhelpen (gezondheidszorg in enge zin). De gezondheidsbescherming die vooral gericht is op de fysieke omgeving maakt deel uit van de preventieve aanpak
  • Grenswaarde: (Op geen enkel ogenblik te overschrijden waarde), een niveau dat op basis van wetenschappelijke kennis is vastgesteld ten einde schadelijke gevolgen voor de gezondheid van de mens en/of voor het milieu in zijn geheel te voorkomen, te verhinderen of te verminderen en dat binnen een bepaalde termijn moet worden bereikt en, als het eenmaal is bereikt, niet meer mag worden overschreden
  • GSM: Global System for Mobile communications

H

Index

  • Haem: het gedeelte van hemoglobine dat in de rode bloedcellen de zuurstof bindt
  • Halfwaardetijd: Tijd waarin de hoeveelheid van de toxische stof in het lichaam tot de helft afneemt
  • Hemoglobine: Kleurstof van de rode bloedcellen
  • HEPA-filter: High Efficiency Particulate Arrestance-filter; filter die 99,97% van de stofdeeltjes groter dan 3µm opvangt
  • Hormesis-model: toxische producten zouden in lage dosissen eerder gezondheidsbevorderend zijn:; dit is echter niet wetenschappelijk bewezen
  • Hygroscopisch: Stoffen die waterdamp uit de lucht opnemen

I

Index

  • IARC : International Agency for the Research on Cancer; delen stoffen in volgens hun carcinogeniteit:
              Groep 1    : bewezen carcinogeniteit voor mensen
              Groep 2A  : waarschijnlijk carcinogeen voor mensen
              Groep 2B  : mogelijk carcinogeen voor mensen
              Groep 3    : niet classificeerbaar als carcinogeen voor mensen
              Groep 4    : waarschijnlijk niet carcinogeen voor mensen
  • Immuundeficiëntie: Onvoldoende tot geen immuniteit door slecht werkend immuunsysteem
  • Immuunsysteem: Afweersysteem van een levend organisme
  • Impregneren: Verduurzamen van o.a. hout door het behandelen met een bepaalde substantie, het hout behandelen met chemische middelen om aantasting door schimmels te remmen
  • Interstitieel: Tussenliggend
  • Interventiewaarde: Meetbare grootheid die overeenkomt met een maximaal toelaatbaar risiconiveau, dat behoudens in geval van overmacht, niet mag worden overschreden en bij overschrijding aanleiding geeft tot preventieve actie
  • Intoxicatie: Vergiftiging

J

index


K

Index

  • Koolstofmonoxide: Toxisch gas dat volledig kleurloos, geurloos en smaakloos is en dat vrijkomt bij een onvolledige verbranding van producten die koolstof bevatten
  • KVE: Kolonie Vormende Eenheden; eenheid om een hoeveelheid levende micro-organismen te beschrijven 

L

Index

  • Latentietijd: Tijd tussen de blootstelling aan de toxische stof en het optreden van de (sub)klinische effecten
  • LD50: Lethale dosis 50, de dosis (concentratie) waarbij de helft van de proefdieren overlijdt binnen 48 uur na een eenmalige toediening
  • LOGO: Samenwerkingsverband en –organisatie binnen een aaneengesloten gebied voor loco-regionaal gezondheidsoverleg; is erkend door de Vlaamse Overheid (=LOkaal GezondheidsOverleg)
  • Lokaal/systemisch effect: Blijft het effect van een schadelijke stof beperkt tot een plaatselijke werking of is de werking eerder verspreid over verschillende orgaansystemen
  • Longoedeem: vochtophoping in het longweefsel

M

Index

  • MAC: Maximaal aanvaarde concentratie (maximal allowable  concentration): de concentratie van een gas, damp, nevel of van stof in de lucht op de werkplaats die, voor zover de huidige kennis reikt, bij herhaalde expositie ook gedurende langere tot zelfs een arbeidsleven omvattende periode in het algemeen de gezondheid van  werknemers, als ook hun nageslacht, niet benadeelt. Het is gebaseerd op een blootstellingsduur van 40 jaar, een werkweek van 40 uur met een werkdag van 8 uur. Het is een waarde die specifiek rekening houdt met chronische blootstelling
  • Medische Milieukunde: De leer (onderzoeksmethoden en kennis) van de invloed van de verontreiniging van het algemene milieu op de gezondheid van de mens
  • Medisch Milieukundigen bij de Logo’s: De medewerkers bij de Logo’s belast met taken inzake milieugezondheid (=MMK)
  • MER: Milieueffectenrapportage
  • MTR: Maximaal Toelaatbaar Risico: (1) voor stoffen met een drempelwaarde is deze gelijk aan ADI, TDI of TCL; (2) voor genotoxische carcinogenen is deze gelijk aan: de hoeveelheid van een stof, uitgedrukt op basis van lichaamsgewicht voor orale blootstelling en op basis van luchtvolume voor inhalatoire blootstelling, die een risico vertegenwoordigt van één extra geval van kanker per 10000 levenslang blootgestelden (VROM, 1988)
  • Multicausaal: Veroorzaakt door meerdere factoren
  • Mutageen: Vermogen tot wijzigen van het genetisch materiaal
  • Mycotoxine: Toxische stof geproduceerd door schimmel

N

Index

  • NMVOS: Alle VOS (Vluchtige Organische Stoffen) behalve methaan (CH4)
  • NOAEL: No observed adverse effect level, de hoogste concentratie van een (toxische) stof waarbij er geen effect waarneembaar is

O

Index

  • Onvolledige verbranding: indien het verbrandingsproces niet optimaal verloopt als gevolg van onvoldoende luchttoevoer, lage verbrandingstemperatuur, waarbij extra schadelijke stoffen vrijkomen, zoals CO, PAK's, roet en dioxines
  • Organic Dust Toxic Syndrome: Griepachtig beeld dat ontstaat na inhalatie van hoge concentraties schimmels of andere micro-organismen
  • Overschrijdingsmarge: Het percentage van de grenswaarde waarmee deze onder de in een richtlijn vastgelegde voorwaarden kan worden overschreden

P

Index

  • PAK’s: PAK's staat voor polycyclische aromatische koolwaterstoffen. Zoals alle koolwaterstoffen bestaan ze uit koolstof (C) en waterstof (H). PAK's zijn teerachtige stoffen die ontstaan bij onvolledige verbranding van koolstofhoudende stoffen zoals fossiele brandstoffen, hout, tabak en voedsel. De belangrijkste bronnen zijn de industrie, de consumenten (onder andere via openhaarden), het verkeer en de landbouw.
    Er zijn honderden PAK's. PAK’s kunnen kankerverwekkend zijn. PAK's zijn persistent: ze worden in de natuur slechts langzaam afgebroken. Ongeveer 90 procent van de PAK's ontstaat door menselijk handelen. Vooral bij de productie van cokes en aluminium komen PAK’s vrij
  • Pathogeen: Ziekteverwekkend
  • Percentiel: Cumulatieve frequentie op een schaal met 100 rangnummers, waar alle meetwaarden werden gerangschikt in stijgende volgorde
  • Pica-gedrag: Het eten van producten die niet als voeding gedefinieerd worden. Dit gedrag komt meestal voor bij kleine kinderen, genoemd naar de latijnse naam voor ekster
  • Plaques: Platen
  • Pleura: Longvliezen
  • PM 1/2,5/10: Stof waarvan de partikels max. 1/2,5/10 µm groot zijn
  • Pneumonitis: Longontsteking
  • POP: Persistente Organische Polluenten; organische stoffen die zeer moeilijk of zelfs niet afbreekbaar zijn
  • PPM: Parts per million; een eenheid die in de scheikunde gebruikt wordt om lage concentraties aan te duiden; het aantal deeltjes van de betrokken stof per 1milijoen deeltjes
  • Precursor: Een voorloper van bijvoorbeeld cellen of chemische verbindingen. 
  • Primair fijn stof: Fijn stof dat rechtstreeks, voornamelijk via verkeer, industrie en landbouw, in de lucht wordt gebracht. Staat in tegenstelling tot secundair fijn stof
  • PVC: PolyVinylChloride

Q

Index

  • Quality adjusted life years: Deze kwaliteit wordt uitgedrukt op een schaal van 0 tot 1, waarin 0 dood betekent en 1 een perfecte gezondheid. Iemand die nog 10 jaar te leven heeft, met een levenskwaliteit 0,5, dat wil zeggen halfweg tussen perfecte gezondheid en overlijden, heeft dan nog 5 QALY’s voor de boeg. QALY-gewichten worden afgeleid voor gezondheidstoestandbeschrijvingen. De aard van de onderliggende ziekte maakt weinig uit voor de waardering van de gezondheidstoestand

R

Index

  • Respiratoir: Behorend tot het ademhalingsstelsel
  • Rhinitis: Ontsteking van het neusslijmvlies
  • Rhinosinusitis: Ontsteking van neus en sinussen
  • Richtwaarde: (In de nabije toekomst te realiseren waarde), en niveau dat zoveel mogelijk moet worden bereikt of gehandhaafd; tussendoelstelling, wanneer streefwaarde (nog) niet haalbaar is. Overschrijding moet zoveel mogelijk worden voorkomen
  • Roet: Teerachtige substantie die ontstaat bij onvolledige verbranding, als gevolg van condenseerbare koolwaterstoffen. Roetvorming is te herkennen aan zwarte, grijze of blauwe rook

S

Index

  • Saneringsmaatregelen: Interventies met als doel de gezondheidsrisico’s door het binnenmilieu van woningen of van publiek toegankelijke gebouwen, weg te nemen
  • SAR: Specific Absorption Rate, de hoeveelheid energie die het lichaam uit een stralingsveld opneemt per seconde per kiliogram lichaamsgewicht 
  • SCALE: Een initiatief van de Europese Commissie voor de integratie van milieu en gezondheid. SCALE is gebaseerd op wetenschappelijke kennis (Science), focust op kinderen (Children), en richt zich op het stimuleren van de bewustwording (Awareness), waarbij gebruik gemaakt wordt van legale instrumenten (Legal instruments), inclusief evaluatie (Evaluation)
  • Schimmel: Organisme zonder bladgroen dat leeft van organisch materiaal
  • Secundair fijn stof: wordt in de atmosfeer gevormd door chemische reacties van gassen; hierbij spelen zwaveldioxide (SO2), stikstofoxide (NOx), ammoniak (NH3) en in mindere mate koolwaterstoffen een rol. Staat in tegenstelling tot primair fijn stof
  • Sensibilisatie: (Over)gevoelig maken van het lichaam voor een bepaalde stof
  • Sick building syndrome: Reeks van atypische klachten bij mensen die tewerkgesteld zijn in moderne gebouwen/scholen. De oorzaak hiervan zijn chemische stoffen, micro-organismen en allergenen die verspreid worden in de binnenlucht door de centrale ventilatie en airconditioningsystemen
  • Sinusitis: een ontsteking van het slijmvlies (de mucosa) dat de neusbijholten bekleedt
  • Smog: samentrekking van de Engelse woorden "Smoke" (rook) en "Fog" (mist); smogperiodes zijn periodes met verhoogde luchtverontreiniging en komen zowel in zomer als in winter voor. Bij zomersmog is ozon de vervuilende stof, bij wintersmog is dat fijn stof.
  • Solvent: Oplosmiddel
  • Sputum: Slijm uit de ademhalingswegen
  • Stikstofoxiden: verzamelnaam voor stikstofoxide (NO) en stikstofdioxiden (NO2)
  • Stochastisch/niet stochastisch effect: Bestaat er voor het al dan niet optreden van schade een drempeldosis of niet
  • Stof: Vaste deeltjes kleiner dan 1000µm, deeltjes< 0,1µm vallen niet meer, maar vormen aërosol
  • Streefwaarde: (Voor de toekomst vooropgestelde waarde), een niveau dat is vastgesteld om schadelijke effecten voor de gezondheid van de mens en/of voor het milieu in zijn geheel op lange termijn te vermijden, en dat zoveel mogelijk binnen een gegeven periode moet worden bereikt; niveau met verwaarloosbaar risico; komt overeen met 1/100 van de MTR
  • Syncope : Plotseling bewustzijnsverlies
  • Synergisme: Effect van 2 schadelijke stoffen samen is groter dan de som van de schadelijke effecten van de afzonderlijke middelen

T

Index

  • Tachycardie: Snelle hartslag
  • TCL: Toxicologisch Toelaatbare Concentratie in Lucht. Deze wordt in principe bepaald uit inhalatoire toxiciteitsgegevens. De TCL wordt vastgesteld voor vluchtige stoffen die zich als verontreiniging in de bodem kunnen bevinden. Beneden de TCL wordt ook bij levenslange blootstelling geen schade aan de gezondheid verwacht
  • TDI: Totale dagelijkse inname (total daily intake); Toxicologisch Toelaatbare Dagelijkse Inname. Dit is de aanvaardbare dagelijkse hoeveelheid die mag opgenomen worden. Deze waarde wordt uitgedrukt in mg van de stof per kg lichaamsgewicht, is gereserveerd voor contaminanten bijv.  voor stoffen die zich als verontreiniging in de bodem kunnen bevinden
  • Temperatuursinversie: situatie waarbij de hogere luchtlagen warmer zijn dan de onderste luchtlagen. De koude lucht blijft dus, samen met de luchtverontreiniging, a.h.w. tegen de grond hangen
  • Teratogeen: Vermogen om bij embryo’s  blijvende afwijkingen of de dood te veroorzaken
  • Teratogeniteit: Verstoring van de foetale ontwikkeling
  • TLV: Threshold Limit Values; dit is de maximale toegelaten waarde voor de concentratie van een stof in de werkomgeving. Het is een waarde die specifiek rekening houdt met chronische blootstelling
  • ToVo: Toezicht Volksgezondheid (vroegere Vlaamse Gezondheidsinspectie)
  • Toxicologie: Studie van giftige stoffen op biologische systemen
  • Toxine: Gif
  • Toxische inhalatiekoorts: Griepachtig beeld dat ontstaat na inhalatie van hoge concentraties damp of rook van sommige metalen en vooral van metaaloxiden, pyrolyseproducten of organisch stof
  • Toxoplasmose: Ziekte verwekt door toxoplasma
  • Tremor: Beving, het beven

U

Index

  • ULPA: Ultra Low Penetrating Air-filter, een filter die 99,99% van de stofdeeltjes groter dan 1µm opvangt
  • UMTS: Universal Mobile Telecommunications System; systeem voor mobiele telefonie waarbij mobiel internetten en het versturen van bewegende beelden en geluid mogelijk zijn. Wordt ook wel "3G" of "3de generatie" gsm genoemd.

V

Index

  • Vector: Overbrenger van parasieten of ziektekiemen
  • Ventilatie: de permanente aanvoer van verse en de afvoer van vochtige en bedorven lucht naar en van een ruimte. Ventillatie gebeurt door middel van speciaal daartoe aangebrachte voorzieningen die de bewoner in staat stellen een permanente maar regelbare luchtverversing tot stand te brengen.
  • Ventilatievoud: Het aantal vervangingen van de binnenlucht in een ruimte door buitenlucht
  • Verluchten: Het verversen van relatief grote hoeveelheden lucht op een niet-permanente manier. Deze manier van luchtverversing wordt gebruikt ter aanvulling op aanwezige ventilatievoorzieningen om het binnenklimaat binnen redelijke grenzen te houden in bijzondere omstandigheden (bijvoorbeeld sterk verontreinigende activiteiten)
  • Virulent: Ziekteverwekkend
  • Virus: Zeer kleine infectieuze deeltjes die zich slechts kunnen vermenigvuldigen met behulp van de cellen die ze binnendringen
  • Vitiligo: Depigmentatie van de huid,  beroepshuidaandoening veroorzaakt door blootstelling aan bepaalde chemicaliën
  • VITO: Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek
  • Volksgezondheid: Het geheel van gezondheidsdeterminanten, gezondheids- en ziekte-outcome van de volledige bevolking of van gedefinieerde subpopulaties ervan
  • VOS: Vluchtige organische stoffen

W

Index

  • Wheezing: Piepende ademhaling
  • Worst case: De voor het milieu en gezondheid ergst mogelijke toestand/waarde ten gevolge van de uitvoer van het beschouwde project, soms uitgedrukt als 99e percentielwaarde

X

Index

  • Xenobiotisch: Lichaamsvreemd

Y

Index


Z

Index

  • Ziektecluster: Een opvallend groot soortgelijke ziektegevallen in een omschreven gebied
  • Zink: Blauwachtig zacht metaal, dat behoort tot de zware metalen
  • Zomersmog: (=fotochemische vervuiling); vervuiling die ontstaat op warme zomerdagen door de vorming van ozon (O3) uit stikstofoxiden (NOx) en NMVOS onder invloed van zonlicht/warmte.
  • Zoönose: Ziekte die van dier op mens kan overgaan
  • Zware metalen: Hieronder worden vaak de volgende acht elementen verstaan die door de Derde Noordzeeconferentie als prioritair worden beschouwd: As (Arseen), Cd (Cadmium), Cr (Chroom), Cu (Koper), Hg (Kwik), Pb (Lood), Ni (Nikkel) en Zn (Zink). Als sporenelementen zijn veel van deze elementen noodzakelijk voor het ondersteunen van het biologisch leven. Bij hogere niveaus worden ze daarentegen toxisch, kunnen ze accumuleren in biologische systemen en vertegenwoordigen ze een significant gezondheidsrisico.
  • Zwaveldioxide: Prikkelende gasvormige verbinding tussen zwavel (S) en zuurstof (O), die ontstaat door verbranding van zwavel dat in fossiele brandstoffen aanwezig is
webdesign JMA