Bestrijdingsmiddelen - zonder is gezonder
Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen kan gevaar opleveren voor de gezondheid van mens en dier. En soms kunnen die pesticiden nog lang nawerken. Zo heeft onderzoek van het Steunpunt Milieu & Gezondheid aangetoond dat DDE, een schadelijk afbraakproduct van het allang verboden bestrijdingsmiddel DDT nu nog kan teruggevonden worden in het bloed van baby’s, jongeren en volwassenen.
Daarom weren de Vlaamse gemeenten pesticiden uit het openbaar groen, en dit al sinds het pesticidendecreet van 2004. Samen met de Vlaamse overheid doen we nu ook een oproep naar jou om het gebruik van pesticiden in huis en tuin te beperken of stop te zetten. Maar wat is dan het alternatief? Hieronder vind je alvast een aantal nuttige
tips waarmee je de natuur respecteert en in de eerste plaats je eigen gezondheid. Want zonder is gezonder.
Wat bepaalt hoe gevaarlijk een product is?
Wat doet de overheid?
Medisch Milieukundigen ontwikkelden campagne voor gemeenten
Wat kan je zelf doen?
Pesticiden: schadelijk voor je gezondheid
Pesticiden zijn zeker niet zo onschuldig, integendeel, ze zijn giftig voor bepaalde levende organismen. Ze kunnen, zelfs in kleine hoeveelheden, giftig zijn voor de mens.
We willen algemene achtergrondinformatie geven over de gevaren van het gebruik van bestrijdingsmiddelen voor de gezondheid. Het risico voor je gezondheid is een zeer belangrijk argument om minder pesticiden te gebruiken en er zorgzamer mee om te gaan.
Pesticiden… we komen er dagelijks mee in contact !

Pesticiden treffen we intussen overal aan in het milieu: in grond- en oppervlaktewater, in regenwater, in sneeuw, in de bodem en in de lucht, in planten en dieren. Ook sommige voedingsmiddelen bevatten
pesticiden
Heel wat mensen gebruiken zelf pesticiden in hun woning en tuin, om ongewenste dieren of insecten te bestrijden (vliegen, muggen, motten, mieren, spinnen, kakkerlakken, vlooien, luizen, bladluizen, muizen, …), hout te beschermen (balken, ramen, meubels, …), onkruid te verdelgen of de boomgaard, siertuin of moestuin te behandelen.
Daarnaast dringen pesticiden ook ongemerkt bij de mens binnen, via tal van sier- en bouwmaterialen en -elementen, zoals hout, behanglijm, verf, tegelvoegen, tapijten, lederen zetels, … die vaak in de fabriek behandeld zijn om langer mee te gaan en om ze te beschermen tegen insecten en schimmels.
Bestrijdingsmiddelen komen langs verschillende wegen in ons lichaam: via de mond, de luchtwegen en de huid.
via de mond
Via de voeding en het drinkwater komen bestrijdingsmiddelen terecht in ons spijsverteringsstelsel. Volgens het laatste rapport van de Europese Commissie bevat bijna de helft van de groenten en het fruit op de Belgische markt residu's van pesticiden. Ook via zelf geteelde groenten en fruit kan bij gebruik van pesticiden heel wat in het lichaam terechtkomen.
via de luchtwegen
Wanneer we in de tuin of in de huiskamer bestrijdingsmiddelen gebruiken in de vorm van verstuivers, sprays, tabletten, … dan ademen we fijn stof of vernevelde vloeistofdeeltjes in. Bepaalde bestrijdingsmiddelen zijn erg vluchtig en geven giftige dampen vrij. Diverse studies tonen aan dat huisstof vaak pesticiden bevat. Maar ook tijdens een wandeling naast een veld dat pas werd behandeld, kunnen we pesticiden inademen.
via de huid
Wanneer je pesticiden gebruikt, is dit de meest voorkomende, en moeilijkst te verhinderen, opnameweg. Het kan bijvoorbeeld gebeuren door contact met niet-gereinigde beschermingskledij, met het behandeld oppervlak of met de gebruikte spuittoestellen. De opname gebeurt gemakkelijker wanneer de huid beschadigd is. Voldoende bescherming (minstens handschoenen) is noodzakelijk!
Pesticiden… nooit zonder risico !
Aan het gebruik van pesticiden zijn heel wat risico's verbonden. Pesticiden zijn immers chemische producten die bewust in ons leefmilieu gebracht worden om ongewenste planten of dieren te doden. Zelfs in lage dosissen kunnen ze er schade veroorzaken. Bovendien kunnen ze elkaars schadelijke werking versterken.
onmiddellijke effecten
Onmiddellijke effecten kunnen ontstaan bij inademing, door huidcontact of door inname van grote hoeveelheden bestrijdingsmiddelen. Hiervan is vooral de gebruiker het slachtoffer. Nauwkeurig opvolgen van de gebruiksaanwijzing op de verpakking is dus uiterst belangrijk. De ziekenhuisopnames als gevolg van vergiftigingsverschijnselen door pesticiden zijn gelukkig zeldzaam.
Restanten van bestrijdingsmiddelen in voedingsmiddelen - waarvan de impact op de gezondheid het meest gevreesd wordt - zijn te laag in hoeveelheid om tot een onmiddellijke vergiftiging van de consument te kunnen leiden. Toch was je best groenten en fruit grondig. Mogelijk aanwezige resten van bestrijdingsmiddelen zitten namelijk vooral aan de buitenkant en zijn waterafwasbaar.
effecten na langer contact
Terwijl een acute vergiftiging weinig problemen stelt, houdt langdurig contact met bestrijdingsmiddelen meer gevaren in. Omdat tussen het in contact komen met bestrijdingsmiddelen en het later ontstaan van ziekte vaak meerdere jaren liggen, is het moeilijk om een duidelijk beeld te krijgen van deze gezondheidseffecten. Bovendien is het door de wijde verspreiding van bestrijdingsmiddelen moeilijk om vergelijkend wetenschappelijk onderzoek te doen. Gebieden waar geen verontreiniging is door bestrijdingsmiddelen, komen immers bijna niet meer voor.
Laboratoriumonderzoek toont aan dat sommige bestrijdingsmiddelen genetisch materiaal kunnen beschadigen en het afweersysteem kunnen beïnvloeden. Bestrijdingsmiddelen (of bepaalde combinaties van bestrijdingsmiddelen) kunnen aanleiding geven tot kanker, hormonale stoornissen of immuniteitsstoornissen. Bepaalde bestrijdingsmiddelen zouden schadelijk zijn voor ons zenuwstelsel. De relatie tussen contact en ziekmakend effect op lange termijn is echter ver van sluitend en er zijn hiervoor geen harde bewijzen.
kanker
Sommige bestrijdingsmiddelen kunnen kanker veroorzaken. Andere zijn mutageen. Dat wil zeggen dat ze schade kunnen veroorzaken aan ons erfelijk materiaal.
hormonale stoornissen
Andere bestrijdingsmiddelen verstoren de werking van onze hormonen en zouden een rol spelen bij de vermindering van de vruchtbaarheid. Zo zijn er een aantal bestrijdingsmiddelen die de werking van het vrouwelijk geslachtshormoon, oestrogeen, nabootsen. Uit een Franse studie bleek het aantal zaadcellen en de bewegelijkheid van die cellen het laagst bij mannen die de voorbije jaren frequent waren blootgesteld aan pesticiden en oplosmiddelen. Bij deze mannen werden hogere concentraties aan vrouwelijke hormonen gevonden, wat een invloed kan hebben op de zaadproductie. Recent onderzoek rond gezondheid en milieu in opdracht van de Vlaamse overheid bevestigt dit. De moeders van kinderen waarbij hoge gehalten aan mogelijke hormoonverstoorders in het navelstrengbloed werden gemeten, hadden meer vruchtbaarheidsbehandelingen moeten ondergaan.
immuniteitsstoornissen
Bestrijdingsmiddelen kunnen de werking van ons immuunsysteem verstoren. Het immuunsysteem is belangrijk, want het beschermt ons lichaam tegen allerlei ziekten.
neurotoxische effecten
Veel insecticiden werken in op het centraal zenuwstelsel en kunnen neurologische klachten geven zoals duizeligheid, leer-, geheugen- en gemoedsstoornissen, enz… Zo bevatten bijvoorbeeld lokdozen voor de bestrijding van mieren de actieve stof trichloorfon. Mensen of dieren kunnen dit opnemen via de huid en zo het centraal zenuwstelsel verstoren. Het is belangrijk dat kinderen niet in aanraking komen met deze lokdoosjes.
het cocktaileffect
Sommige bestrijdingsmiddelen stapelen zich gemakkelijk op in ons vetweefsel. Het gezamenlijke effect van zo'n cocktail van schadelijke stoffen is onvoorspelbaar. Wetenschappelijk onderzoek heeft nog geen duidelijkheid kunnen brengen over het effect van een bepaald bestrijdingsmiddel in combinatie met andere stoffen waar we mee in contact komen.
verhoogd risico voor zwakkere groepen
De gevoeligheid voor gevaarlijke producten is voor iedereen anders. Zwangere vrouwen, ongeboren kinderen, kinderen, oudere mensen en zieke personen hebben een grotere gevoeligheid en een kleinere weerstand. Kinderen komen ook gemakkelijker in contact met pesticiden. Ze steken hun handjes of allerhande voorwerpen in hun mond, aaien een hond of kat met een vlooienbandje. Daarenboven ademen ze in verhouding tot hun gewicht meer lucht in dan een volwassene. Over de risico’s van bestrijdingsmiddelen voor kinderen is nog maar weinig bekend.
Welke factoren bepalen hoe gevaarlijk een product is?
De risico's voor de volksgezondheid zijn een gevolg van de giftigheid van bepaalde bestrijdingsmiddelen en van de mate waarin we in contact komen met bestrijdingsmiddelen. De schadelijkheid wordt ook mee bepaald door het eerder genoemde cocktaileffect. Andere factoren zijn de tijd die nodig is om het bestrijdingsmiddel te laten verdwijnen uit ons milieu en de eigenschap van het bestrijdingsmiddel om zich op te stapelen in ons lichaam.
contact met bestrijdingsmiddelen
Hoe meer je met bestrijdingsmiddelen in aanraking komt, hoe groter de kans op effecten op de gezondheid. De mate van contact is dus zeer belangrijk. We kunnen er rechtstreeks mee in contact komen (gebruikers, werknemers van bedrijven die bestrijdingsmiddelen produceren en mensen die hier beroepshalve mee omgaan) of door indirecte contact (consumenten en voorbijgangers). Wetenschappers hebben nog geen manier gevonden om de volledige blootstelling aan bestrijdingsmiddelen vanuit alle mogelijke besmettingsbronnen voor de mens in kaart te brengen. Wel stellen ze vast dat er alsmaar grotere hoeveelheden bestrijdingsmiddelen gevonden worden in ons lichaamsvet, urine, bloed, zelfs in moedermelk. En dat geldt voor iedereen, dus niet enkel voor wie beroepshalve met deze producten omgaat.
onmiddellijke giftigheid
Om de onmiddellijke giftigheid van een product voor zoogdieren uit te drukken, gaat men na welke dosis nodig is om de helft van de geteste proefdieren (meestal ratten of muizen) te doden. Dit is de zogenaamde LD50-waarde. De afkorting LD staat voor letale dosis. Een hogere waarde duidt op een lagere toxiciteit. Op basis van de LD50-waarde worden bestrijdingsmiddelen ingedeeld in vier gifklassen (van weinig schadelijk tot zeer giftig) en worden bepaalde voorschriften of beperkingen voor het gebruik opgesteld. Heel wat bestrijdingsmiddelen zijn acuut zeer giftig, maar vele andere zijn minder giftig.
giftigheid op langere termijn
De LD50-waarde zegt echter niets over de risico's bij de opname van kleine hoeveelheden over een langere perioden, de zogenaamde de chronische toxiciteit. Deze wordt bepaald aan de hand van een hele reeks proeven van verschillende duur op dieren en in vitro-experimenten. Allerlei mogelijke effecten zoals schade aan het genetisch materiaal, kankers, allergieën, effecten op het zenuwstelsel, … worden onderzocht.
opstapeling in je lichaam
Sommige pesticiden stapelen op in je lichaam: ze breken niet af en hopen zich op in het vetweefsel van organismen. Bijgevolg gaan ze zich opstapelen in de voedselketen. Vooral dieren aan de top van de voedselpiramide worden bedreigd omdat zij de grootste concentraties te verwerken krijgen. Als water een kleine hoeveelheid bestrijdingsmiddelen bevat, krijgen kleine vissen in de loop van hun leven 500 maal die hoeveelheid binnen, terwijl visetende vogels tot 80.000 maal de oorspronkelijke hoeveelheid bestrijdingsmiddelen in hun lichaam kunnen opslaan. Een aantal gevaarlijke pesticiden, zoals het insecticide DDT, die reeds jaren uit de handel zijn genomen, zijn door deze opstapeling nog steeds terug te vinden in ons milieu en in beperkte mate in de voedselketen. Dit fenomeen heet bioaccumulatie.
moeilijke afbraak
Chemische verbindingen die moeilijk afbreken en bijgevolg voor langere periodes in het milieu aanwezig blijven, betekenen een extra gevaar. Dergelijke “persistente” verbindingen zorgen immers voor een langdurige blootstelling. Persistentie wordt uitgedrukt in “halfwaardetijd”: dit is de tijd die nodig is om de oorspronkelijke concentratie van een verbinding met de helft te reduceren. De afbraakproducten die dan ontstaan kunnen op zich ook nog schadelijk zijn. Vele pesticiden breken binnenshuis trager af dan buiten. Binnen zijn ze beter beschermd tegen zonlicht, extreme temperaturen en de meeste micro-organismen die ze afbreken. Producenten proberen pesticiden minder persistent te maken.
Hoe kan je zelf het risico inschatten?
Het is niet gemakkelijk om als gebruiker het risico van het gebruik van een bepaald middel in te schatten. De beste keuze is om geen bestrijdingsmiddelen te gebruiken. Er is heel wat informatie beschikbaar (in brochures, op websites,…) over alternatieve bestrijdingsmethodes. Als je toch kiest voor een pesticide, lees zeker grondig de informatie op de verpakking. Producenten van bestrijdingsmiddelen zijn immers wettelijk verplicht om bepaalde gegevens te vermelden op de verpakking van het product: de actieve stoffen, de gebruiksvoorwaarden en eventuele waarschuwingen, zoals:
“Irriterend voor de ogen en de luchtwegen”
“Uit de buurt van voedingsmiddelen en dranken bewaren”
“Gevaarlijk voor waterdieren”
“Kan overgevoeligheid veroorzaken bij contact met de huid”
Op
http://www.zonderisgezonder.be/ kan je een milieuvriendelijke bestrijdingswijzer vinden. daarin kan je vinden hoe je op een andere, gezonde manier kan bestrijden. Ga er zeker eens kijken!
Gevaarlijke stoffen worden ingedeeld in een aantal gevaarscategorieën (bv. schadelijk – giftig – zeer giftig – corrosief – irriterend – kankerverwekkend – reprotoxisch – mutageen). Deze gevaren worden al dan niet via een symbool aangegeven op de verpakking.
Wat doet de overheid?
De overheid wil de consument beschermen tegen de mogelijke gevaren van bestrijdingsmiddelen. Zij doet dit op basis van de huidige wetenschappelijke en medische kennis.
enkel erkende bestrijdingsmiddelen mogen op de markt
De fabrikant van bestrijdingsmiddelen moet voor elk product een erkenningdossier indienen en heel wat studiewerk uitvoeren. Deze toelatingsprocedures zijn vergelijkbaar met deze voor geneesmiddelen en zelfs strenger, want naast de onmiddellijke giftigheid wordt ook het effect op het milieu zoveel mogelijk nagekeken. Een bestrijdingsmiddel is dan ook verboden tenzij het goedgekeurd is. Zo werden er in het verleden ook reeds een aantal gevaarlijke bestrijdingsmiddelen uit de handel genomen.
Het onderzoek is echter vooral gericht op de gekende gevaren en houdt weinig rekening met zwakkere groepen zoals kinderen, zwangere vrouwen en ouderen. De stoffen worden bestudeerd in omstandigheden waarbij er weinig rekening wordt gehouden met een ander gedrag in een ander milieu (de invloed van het klimaat, het bodemtype,…). Voorts worden de stoffen individueel bestudeerd. Mens en milieu komen echter in contact met een cocktail van stoffen die elkanders werking kunnen versterken of verzwakken. Er is ook weinig kennis over de producten die ontstaan wanneer de bestrijdingsmiddelen worden afgebroken.
Het is de bedoeling om op termijn te komen tot een Europese regelgeving waarbij de actieve stoffen in de bestrijdingsmiddelen worden erkend door Europa en de producten door de lidstaten
de residuwetgeving
In de residuwetgeving is vastgelegd hoeveel van een chemische stof nog mag teruggevonden worden op een voedingsmiddel. Dit gebeurt op basis van twee criteria. Ten eerste wordt per stof nagegaan wat de gemiddelde dagelijkse inname is die over een volledig leven geen merkbaar gezondheidsrisico lijkt op te leveren (de ADI of acceptable daily intake). Hierbij wordt echter geen rekening gehouden met de mogelijke effecten van combinaties met andere stoffen of de hogere gevoeligheid tijdens bepaalde levensfasen. Een tweede principe stelt dat het pesticidengebruik zo gering mogelijk moet zijn om het gewenste effect te bereiken. Dit is een benadering die slechts gedeeltelijk rekening houdt met de zeer variabele teeltcondities (weergesteldheid, aard van de gewassen e.d.). Uitgaande van beide principes komt men tot een wettelijk vastgesteld maximaal residugehalte.
de overheid geeft het goede voorbeeld
Het Vlaams Parlement besliste om vanaf 2004 het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen voor het beheer van openbare ruimtes zoals straten, voetpaden en parken te verbieden. Dit verbod geldt voor alle openbare besturen in Vlaanderen. Enkel besturen die kiezen voor een stapsgewijze afbouw kunnen dat verbod nog even uitstellen. Nieuwe inzichten verwerven, nieuwe apparatuur aanschaffen en het omvormen van openbare ruimten vergt immers tijd. Ten laatste tegen 2015 zullen de pesticiden definitief uit het openbaar groen worden gebannen.
Medisch Milieukundigen ondersteunen gemeentelijke campagne: 'Bestrijdingsmiddelen, kunnen we zonder?'
Gebruiken de inwoners van jouw gemeente ook nog veel bestrijdingsmiddelen zonder dat ze er bij stil staan? Het pesticidengebruik kan ook in jouw gemeente naar omlaag. Laat onderstaande acties een inspiratie voor jouw gemeente zijn! Samen met de MMK van jouw regio kan je een 'pesticidenvrije' campagne uitwerken.
Gezinnen en openbare besturen zijn samen verantwoordelijk voor 30% van het bestrijdingsmiddelengebruik in Vlaanderen. Sinds 2004 proberen gemeenten hun eigen verbruik te doen dalen. De gemeente Kapellen wou deze trend verder zetten naar haar inwoners. Dit deed ze met de hulp van Natuurbehoud Kapellenbos, VELT, Natuurpunt en de MMK bij LOGO Antwerpen Noord. Tijdens de milieuweek werd ‘pesticidenvrij leven’ het thema van 2009. De alternatieven voor bestrijdingsmiddelen in de kijker plaatsen is de boodschap. Met een drukke agenda tot gevolg:
- Gegidst bezoek aan een VELT-tuin, waarbij je een hoop tips kreeg om jouw groenten- en/of siertuin pesticidenvrij, maar toch prachtig te houden.
- Zo'n pesticidenvrije tuin en zijn eigenaar verdienen een erkenning in de vorm van een '1-2-3-ecotuin'-bordje van VELT. Daarom hielp de gemeente deze erkenning te verspreiden.
- Een presentatie van een VELT-medewerker en de MMK bij Logo Antwerpen Noord. Huis-, tuin- en keukentips werden ingeleid door een toelichting over het effect van bestrijdingsmiddelen op de gezondheid.
- De bibliotheek huisvestte een tentoonstelling over pesticiden en gezondheid met vele tips om huis en tuin pesticidenvrij te houden. De banners en elektrokoffer van de MMK’s kwamen hier volledig tot hun recht.
Het thema ’pesticidenvrij leven' verweven in onze dagelijkse bezigheden is een uitdaging! Daarom werden de jaarlijkse milieuquiz en een geplande natuurwandeling in een pesticidenvrij kleedje gestoken.
Om iedereen van de gemeente te kunnen bereiken hingen er posters met geïllustreerde tips om pesticidenvrij te leven in de gemeente Kapellen. Meer info over deze posters bij je Medisch Milieukundige.




terug
Wat kan je zelf doen om contact met bestrijdingsmiddelen te verminderen?
Het gebruik van pesticiden in de woning en in de tuin volledig stopzetten.
- met een goede hor houden we stekende insecten of vervelende vliegen buiten, met een vliegenmepper kunnen we ze bovendien sportief te lijf gaan;
- warm water, een gewone shampoo en een luizenkam volstaan om haarluizen te overwinnen;
- exotische sierplanten die zonder pesticiden om de haverklap ziek worden of opgevreten worden door “schadelijke insecten” vervangen we beter door inheemse planten of streekeigen groen;
- inheemse struiken hoeven niet bespoten te worden, ze overleven via de hulp van de natuurlijke vijanden van hun
belagers;
- in de tuin slokken de lieveheersbeestjes met plezier de bladluizen op;
- bodembedekkers geven de meest lastige onkruiden geen kans;
- een paardenbloem in het gazon… kan verbazend mooi zijn voor wie er wil naar kijken!
- mag er echt geen sprietje gras tussen de terrastegels staan of een beetje mos op het tuinpad?
- pesticiden uit de tuin verbannen is opnieuw genieten van een nest zangvogeltjes in de haag, kleurrijke vlinders op de bloemen, …
Het contact met pesticiden via de voeding maximaal beperken door b.v.:
-
(bio)producten te kopen die helemaal niet bespoten werden.
-
te zorgen voor afwisseling in de voeding; door de soort en de herkomst van groenten, fruit, vlees, vis, kip en melk genoeg te variëren, heeft men minder kans dat het telkens vervuild zal zijn of residuen van pesticiden zal bevatten;
-
zelf groenten en fruit kweken zonder bestrijdingsmiddelen;
-
groenten en fruit zorgvuldig te wassen alvorens ze te eten.
Nog meer tips om zonder pesticiden om te gaan met beestjes in huis en tuin kan je in deze brochure vinden.
Op www.zonderisgezonder.be kan je een milieuvriendelijke bestrijdingswijzer vinden. Die laat je zien hoe je op een gezonde manier kan bestrijden. Ga er zeker eens kijken!
Hoe probeert de landbouw het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in te perken?
Door de land- en tuinbouw worden inspanningen gedaan om de hoeveelheid en de toxiciteit van de gebruikte bestrijdingsmiddelen te beperken. Toch stelt de huidige grootschalige landbouw dat er nog steeds heel wat gewasbeschermingsmiddelen moeten worden ingezet.
De gewasbeschermingsmiddelen worden steeds selectiever, steeds giftiger voor een specifieke groep vijanden en minder giftig voor de mens, en zijn door de natuur sneller afbreekbaar. Bovendien kan de producent steeds vaker een beroep doen op hoogtechnologische systemen die hem waarschuwen wanneer en waar hij precies moet ingrijpen. Voor steeds meer teelten wordt het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen beperkt.
Ook de geïntegreerde bestrijding wordt vaker toegepast. Hierbij worden op een doordachte wijze verschillende moderne en traditionele methodes gecombineerd: biologische, mechanische en biotechnologische technieken, genetische methodes en op de laatste plaats chemische bestrijding. Zo wordt bijvoorbeeld de ontwikkeling van de natuurlijke vijanden van de schadelijke organismen aangemoedigd.
In de biologische landbouw worden chemische bestrijdingsmiddelen volledig gebannen. Ziekten en plagen worden bestreden door een combinatie van maatregelen zoals een passende vruchtwisseling, de keuze van geschikte rassen, mechanische maatregelen en natuurlijke bestrijdingsmiddelen. Deze natuurlijke bestrijdingsmiddelen zijn niet steeds onschadelijk, bv. pyrethrum is schadelijk voor waterorganismen.
Phytofar Recover : Bestrijdingsmiddelen in de land- en (sier)tuinbouw
Niet alleen gemeentebesturen en burgers maar ook de land- en (sier)tuinbouw doen reeds heel wat inspanningen om bestrijdingsmiddelen oordeelkundig te gebruiken. Ook de producenten van bestrijdingsmiddelen dragen onder andere via Phytofar Recover vzw hun steentje bij. Deze vzw organiseert de inzameling van lege verpakkingen van bestrijdingsmiddelen van professionele gebruikers (jaarlijks) en ook van vervallen producten (tweejaarlijks). De professionele gebruikers kunnen deze gevaarlijke afvalstoffen op verschillende inzamelpunten afgeven. Vervolgens worden ze opgehaald en afgevoerd naar een daarvoor vergunde verbrandingsinstallatie. Alle praktische informatie over deze inzamelactie is terug te vinden op
www.phytofar.be.
Wil je meer weten?
Bron: provincie Oost-Vlaanderen, dienst Planning en Natuurbehoud