Koolstofdioxide is een kleurloos, geurloos gas dat van nature in de lucht aanwezig is. Elk levend wezen produceert CO
2 bij de ademhaling. Daarnaast wordt het ook geproduceerd bij de verbranding van koolstof of koolstofhoudende stoffen. Fossiele brandstoffen zijn bekende koolstofbronnen. De uitstoot van koolstofdioxide is evenredig met het verbruik van de wagen: hoe meer brandstof er verbrand wordt, hoe meer CO
2 er wordt uitgestoten. Benzinevoertuigen stoten bijgevolg meer CO
2 uit vergeleken met dieselvoertuigen. De concentratie van CO
2 in de omgevingslucht ligt gemiddeld op 300-400 ppm (ppm staat voor ‘parts per million’ of ‘delen per miljoen’. Dit wil zeggen dat 1 ppm één deel in 1.000.000 is). Wereldwijd is de concentratie van CO
2 in de atmosfeer sterk toegenomen sinds de industriële revolutie. De transportsector is verantwoordelijk voor ongeveer ¼ van de CO
2-uitstoot in Vlaanderen.
CO2 is een broeikasgas dat via klimaatveranderingen wereldwijde gevolgen heeft voor het milieu (en onrechtstreeks voor de gezondheid van mensen). De hoeveelheid CO2 in de lucht vormt geen onmiddellijk risico voor de gezondheid. Enkel bij concentraties vanaf ongeveer 5000 ppm kunnen gezondheidsklachten zoals hoofdpijn en sufheid ontstaan. Dergelijke hoge concentraties worden in normale omstandigheden echter nooit bereikt.